Naar de inhoud
SpeelGitaar

Majeurpentatoniek

De vrolijke variant van de pentatoniek. Zelfde vingerzettingen als de mineurpentatoniek, drie frets lager gedacht.

Patroon in G (frets 2–6)

Oranje stippen zijn de grondtoon (G). Onderste lijn is je dikste snaar (lage E) — precies zoals je op je eigen hals neerkijkt.

Majeurpentatoniek in G, frets 2 tot 6. Oranje stippen zijn grondtonen. E A D G B e 2 3 4 5 6 G A B D E G A B D E G A
Open in fretboard-verkenner

Noten in G

G – A – B – D – E

Intervallen

1 – 2 – 3 – 5 – 6

Wanneer gebruik je deze toonladder?

Country, pop en vrolijke solo’s. Denk aan de gitaarklank van veel zomerhits.

Zo oefen je hem muzikaal

  1. Op en neer met de metronoom — één noot per tel op 60 bpm, daarna achtsten. Dit traint de vingerzetting.
  2. In groepjes van drie — speel drie noten, begin één noot hoger, herhaal. Dit traint soepelheid.
  3. Als mini-solo — speel drie tot vijf noten, laat rust vallen en antwoord jezelf. Dit traint muziek. Sla deze stap nooit over.

Meer context nodig? In de pentatoniek-les van het leerpad leer je stap voor stap hoe je van patroon naar improvisatie komt.